Instellingen verdeeld over kwestie kennisbeurzen
- 21-05-2008
- geef reactie
Minister Plasterk kwam begin maart met een behoorlijke verrassing: bij nader inzien wil hij hogescholen en universiteiten toch niet verplichten om vanaf 2009 een vast bedrag te reserveren voor zogenoemde kennisbeurzen voor studenten van buiten de Europese Economische Ruimte. De reacties lopen uiteen.
Chris van den Borne heeft geen goed woord over voor de brief die minister Plasterk begin maart stuurde aan de voorzitters van de HBO-raad en de VSNU. De directeur International Office van Saxion Hogescholen spreekt van een 'ministeriële oekaze'. Plasterk blijkt de oormerking van 15,5 miljoen euro voor de kennisbeurzen los te laten. Ook dat deel van de ruim 50 miljoen die de instellingen jaarlijks gaan ontvangen als compensatie voor het wegvallen van de bekostiging voor niet-EER-studenten, kan nu vrij worden besteed. Naar de achtergrond van deze beslissing kan Van den Borne slechts gissen. Maar hij vindt het overboord zetten van de beurzen “tekenend voor het gebrek aan een langetermijnstrategie voor internationalisering in Den Haag”.
“Wij zaten al zo lang te wachten op duidelijkheid van de minister over de omvang van het budget voor de kennisbeurzen”, legt Van den Borne uit. “En dan ligt er na meer dan twee jaar, midden in het wervingsseizoen voor nieuwe studenten, plots een brief die alles in het ongewisse laat. Instellingen moeten nu weer intern de discussie aan over de besteding van het budget. Onbehoorlijk bestuur noem ik dat. Het ministerie realiseert zich blijkbaar niet dat we een jaar voordat studenten zich daadwerkelijk inschrijven, al duidelijkheid moeten geven over tarieven.”
Het kwalijkste vindt Van den Borne nog dat het ministerie nu nalaat het Nederlandse hoger onderwijs in het buitenland een uniformer aangezicht te geven. “We waren het binnen het onderwijsveld eens over een systeem van hogere collegegelden met een beurzenstelsel. Nu kan het opeens weer alle kanten op en staan we straks op een beurs in het Verre Oosten zonder dat we weten wat andere instellingen in Nederland in de aanbieding hebben. Dat draagt niet bij aan het eenduidiger profiel waarmee we op studenten in het buitenland willen afstappen en waarmee we Nederland als kennisland willen profileren.”
Gemiste kans
Ook Willem Viets, directeur International Office van Inholland, spreekt van “een gemiste kans”. “Aan de invoering van de compensatiegelden is door het ministerie steeds de wens gekoppeld om internationalisering een kwaliteitsimpuls te geven. Daarom vond ik het logisch dat er per instelling een geldbedrag zou worden gereserveerd voor beurzen. Na drie jaar zou je dan kunnen kijken of dat geld goed werd besteed. Dat idee wordt nu helemaal losgelaten. Sterker nog: het geld hoeft niet eens per se aan internationalisering te worden uitgegeven. Ik vind het jammer dat die drive voor internationalisering wegvalt.”
Collega’s van Van den Borne en Viets vinden het besluit van Plasterk veel minder bezwaarlijk. Wessel Meijer van Fontys Hogescholen erkent weliswaar dat het loslaten van de oormerking ertoe kan leiden dat sommige instellingen zich minder op de niet-EER-markt zullen begeven, maar voegt daaraan toe: “Deze maatregel betekent inhoudelijk weinig meer dan dat de zeggenschap en de autonomie bij de instellingen zelf worden neergelegd. Daar kan ik toch moeilijk tegen zijn, hoe snel mijn hart ook klopt voor internationalisering.”
Hoofdlijnen
Anka Mulder, directeur Onderwijs- en Studentenzaken van de TU Delft, spreekt zelfs van “een verstandige keuze”. “Het lijkt mij de taak van het ministerie om op hoofdlijnen te sturen. En dat gebeurt nu. Instellingen worden niet afgerekend op wat ze precies met hun beurzen doen, maar op het welslagen van een algeheel internationaliseringsbeleid.”
Ab Groen, stafdirecteur Onderwijs en Onderzoek bij Wageningen Universiteit, komt met een relativerende noot: “Er was altijd al sprake van een grote mate van beleidsruimte voor instellingen om de kennisbeurzen in te vullen. Als er een wens tot afstemming is, dan kun je dat bespreken binnen de HBO-raad of de VSNU.”
Waarschuwing
Alle geïnterviewden stellen dat hun instelling, zeker op de korte termijn, gewoon vasthoudt aan het uitgestippelde beleid dat nog uitging van de komst van de kennisbeurzen. In grote lijnen komt dat er voor hogescholen op neer dat de afspraken met zittende niet-EER-studenten over collegegelden en tegemoetkomingen zullen worden nagekomen. Nieuwe studenten zullen vaak te horen krijgen dat hogescholen prestatievoorwaarden gaan stellen voor beurzen in de hogere studiejaren. Verder lijken hogescholen door middel van zogeheten topbeurzen meer dan voorheen de mogelijkheden te verkennen om betere studenten naar Nederland te halen.
Universiteiten neigen naar maatwerk. Zij zijn vooral op zoek naar de veelbelovende masterstudenten van buitenlandse partners. Wageningen Universiteit onderhandelt op dit moment bijvoorbeeld om de beste studenten van een Engelstalig honours-programma van een Chinese universiteit met een Wageningse beurs naar Nederland te halen.
Inmiddels wordt wel van alle kanten gewaarschuwd voor de gevolgen van achterblijvende financiering. Vooral voor huisvesting en voorzieningen als talencentra is veel geld nodig. Daarnaast doen buitenlandse studenten een groot beroep op de universitaire dienstverlening, bijvoorbeeld in de vorm van hulp bij het aanvragen van visa. Minister Plasterk heeft met één zinsnede in zijn brief alle internationaliseerders tegen zich in het harnas gejaagd. Hij beweert immers dat “een forse verhoging van het instellingscollegegeld enkel vanwege de herziening van de bekostiging niet gerechtvaardigd is”.
Anka Mulder uit Delft: “De minister zegt dat de omzetting budgettair neutraal is uitgevoerd, maar hij vermeldt daarbij niet dat de peildatum 2006 is en dat hij het bedrag voor de toekomst bevriest. In de afgelopen twee jaar hebben wij een fikse stijging van het aantal studenten gehad en we zouden graag nog meer studenten naar Delft halen. De minister maakt dat niet gemakkelijker.”
auteur: Xander Bronkhorst
(eerder verschenen in Transfer, mei 2008)
- 21-05-2008
- geef reactie
