Louk Box neemt afscheid van ISS
- 22-04-2010
- vorige
- volgende
- retour overzicht
- geef reactie
Louk de la Rive Box (67) neemt vandaag afscheid als Rector van het International Institute of Social Studies (ISS). Hoe ziet hij de toekomst van het academisch internationaal onderwijs, in een tijd waarin ontwikkelingssamenwerking sterk onder druk staat? Vijf vragen aan Louk Box, die ooit de machtigste man in de wereld van de Nederlandse ontwikkelingsamenwerking werd genoemd.
Is er nog toekomst voor het internationaal academisch onderwijs, gezien de afbrokkelende steun voor ontwikkelingssamenwerking?
"Er is absoluut een toekomst voor dit type onderwijs. Investeren in hoogwaardige kennis wordt steeds belangrijker. En het is ook een juiste investering gebleken. Kijk maar naar landen als Korea en India. Voorwaarde is wel dat de afgestudeerden kunnen werken in de sectoren waarvoor ze zijn opgeleid. In een zeer specialistische vorm van geneeskunde, bijvoorbeeld hersenchirurgie, vind je in het Zuiden geen emplooi. Dat ligt heel anders voor het openbaar bestuur of de economie. Het is gunstig voor een land om daarin te investeren en het is niet voor niets dat landen al generaties lang studenten naar ons sturen."
In de besparingsscenario’s van de ambtenaren wordt er flink bezuinigd op kennisinstituten als het ISS. Wat vindt u daarvan?
"In die scenario’s ziet het er slecht voor ons uit. Het stomste wat je kunt doen is een instituut als het ISS opheffen. Internationaal academisch onderwijs is de grondslag en oudste vorm van ontwikkelingssamenwerking in Nederland. Het is nauwelijks corruptiegevoelig; de euro in internationaal onderwijs is goed te volgen. Omdat wij tegen een relatief lage kostprijs een hoogwaardig onderwijsprogramma realiseren is het efficiënt. En het is effectief omdat het studierendement van onze studenten hoog is; 95 procent van hen studeert binnen de gestelde termijn af.
Veel ministers, diplomaten en andere hoogwaardigheidsbekleders hebben op het ISS gestudeerd. In landen, waar Nederlandse handelsmissies naartoe gaan, hebben wij uitstekende contacten op het hoogste niveau. Dat vertegenwoordigt een enorm kapitaal. Je zou wel gek zijn om de kip met de gouden eieren te slachten. Het Nederlands belang is breder dan het besparen van een paar stuivers op deze meest klassieke en meest geëvalueerde vorm van ontwikkelingssamenwerking."
Het ontwikkelingsbeleid is voortdurend in verandering. Wat doet het ISS om zijn toekomst veilig te stellen?
"We zorgen ervoor dat we minder afhankelijk worden van de overheid. Twintig jaar geleden waren we voor 90 procent afhankelijk van de NFP-beurzen. Nu vormen deze beurzen, wat de masteropleiding betreft, minder dan de helft van onz
e inkomsten. Daarnaast ontvangen we ook geld van de Wereldbank, Ford Foundation en andere instanties. Doordat we onderdeel zijn geworden van de Erasmusuniversiteit, kunnen we ook meedingen naar onderzoekssubsidies van NWO en meedoen aan grote onderzoeksprojecten. De Erasmusuniversiteit stimuleert de groei van ons instituut. We krijgen ook veel aanvragen voor advieswerk uit het buitenland, bijvoorbeeld het opzetten van een denktank in Vietnam."
Het WRR-rapport wordt gezien als een van de belangrijkste documenten op het gebied van ontwikkelingssamenwerking diet de laatste jaren zijn verschenen. Wat is volgens u de impact van dit rapport op het toekomstig ontwikkelingsbeleid?
"Dat is moeilijk te voorspellen. Ik hoop op een reactie die recht doet aan de kwaliteit van dit rapport. Het is een voortreffelijk document waarin erkend wordt dat kennis leidend is voor de vorming van een coherent ontwikkelingsbeleid.
Wij hebben in ieder geval de kritiek van de WRR dat Nederland qua kennis over ontwikkelingsprocessen achterloopt ter harte genomen en we hebben de dure plicht, als kennisinstituut, om vast te stellen wat de agenda moet worden. Een hele positieve ontwikkeling in dat verband is dat organisaties als Cordaid, Novib, Plan NL en Rode Kruis zich steeds meer gaan richten op kennis. Samen met hen bouwen we kennis op en daar gaan we mee door tot de gesignaleerde lacune is opgeheven."
U heeft veel verschillende functies bekleed. Het rectorschap van het ISS ziet u als kroon op uw loopbaan. Waarom?
"Het ISS is een instituut van academische topkwaliteit. De mix van studenten is hier uniek. Het zijn mid-career professionals die interdisciplinair werken aan vraagstukken op het gebied van globalisering en ongelijkheid. En er gaat geen week voorbij of er staat een alumnus op de stoep. De band met hen is heel goed. Pas kwam er nog een oud-student langs die hier vijftig jaar geleden heeft gestudeerd. Er wordt voortreffelijk onderwijs gegeven, goed onderzoek verricht en er worden nuttige projecten uitgevoerd op het gebied van capaciteitsopbouw. Alle aspecten van ontwikkelingssamenwerking waar ik me in mijn loopbaan mee heb beziggehouden, komen hier bij elkaar. Voor mij, als sociaal wetenschapper, is die mix geweldig."
- 22-04-2010
- vorige
- volgende
- retour overzicht
- geef reactie
