Info

‘Bursalenstelsel slecht voor rankings’

— gearchiveerd onder:
Share |

De mogelijkheid om promovendi niet meer als werknemer aan te stellen, zou wel eens nadelig kunnen uitpakken voor de positie van Nederlandse universiteiten in internationale rankings. Dat was een van de argumenten waarmee PvdA-kamerlid Tanja Jadnanansing zich uitsprak tegen de invoering van het bursalenstelsel. Maandag diende ze tijdens het Notaoverleg samen met SP’er Jasper van Dijk een motie in.

Ook het CDA, GroenLinks en de ChristenUnie lieten zich kritisch uit over het voorstel van staatssecretaris Zijlstra. Met de invoering van een bursalenstelsel wordt een promovendus niet meer beschouwd als werknemer, maar als student. Financieel zijn er ook gevolgen: in plaats van salaris ontvangen bursalen een beurs, die volgens critici aanzienlijk lager is en slechtere arbeidsvoorwaarden met zich meebrengt.

En dat terwijl de promovendi volgens Jadnanansing een belangrijke bijdrage leveren aan de positie van Nederlandse universiteiten op de internationale ranglijsten. “Artikelen van bursalen tellen in de rankings niet mee als output van een universiteit, die van werknemerpromovendi worden wel mee gewogen.” De output van wetenschappelijke artikelen is een van de factoren die de plaats van een universiteit op de ranglijsten bepalen.

Volgens ranking-deskundige Ton van Raan, tot voor kort directeur van het Leidse onderzoekscentrum CWTS, dragen publicaties van bursalen wel degelijk bij aan de klassering van een universiteit. “Alle publicaties tellen mee, maar ze moeten wel zijn verschenen in tijdschriften die opgenomen zijn in het Web of Science.” Dat is de database van wetenschappelijke tijdschriften die gebruikt wordt voor het berekenen van impactscores van onderzoek.

Het Promovendi Netwerk Nederland (PNN) meent dat het bursalenstelsel het minder aantrekkelijk maakt om te promoveren in Nederland. Ze verwachten dat excellente studenten sneller naar het buitenland zullen trekken, wat negatieve gevolgen heeft voor de Nederlandse wetenschap. Jadnanansing sluit zich hierbij aan: “De promovendi zijn belangrijk voor de ambitie om tot de top 5 van kenniseconomieën ter wereld te behoren.”

Volgens de staatssecretaris krijgen universiteiten zelf de vrijheid om te bepalen hoeveel bursalen en hoeveel werknemerpromovendi ze aanstellen. Zijlstra: “Het is niet zo dat promovendi massaal vervangen worden door bursalen. Integendeel: de universiteiten krijgen de mogelijkheid om óók met bursalen te werken, omdat je daardoor naar onze inschatting vierhonderd extra promotietrajecten kunt neerzetten.”