Info

Aantal internationale studenten groeit razendsnel

— gearchiveerd onder:

Het aantal studenten dat in het buitenland studeert is enorm toegenomen. Het zijn er nu bijna 3 miljoen. Dat is een toename van 50 procent sinds 2000 en zelfs een verdubbeling van het aantal in 1995. Dat blijkt uit het rapport Education at a Glance 2008 van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Het hoger onderwijs in het algemeen kan zich verheugen in een steeds grotere populariteit. Waar tien jaar geleden 37 procent van een leeftijdsgroep verder studeerde, gaat het inmiddels om 57 procent. Vooral Finland en Polen zijn uitschieters, daar verdubbelde het aantal aanmeldingen bij het hoger onderwijs.

De OESO kijkt niet op van deze ontwikkeling, omdat hoogopgeleiden in veel landen steeds meer gaan verdienen en erg gewild zijn op de arbeidsmarkt. Maar het grotere aantal studenten brengt wel de druk met zich mee meer geld uit te geven aan onderwijs en de efficiency te verhogen.

Gemiddeld besteden de OESO-landen nu een ruimer deel van hun begroting aan onderwijs. Maar het aantal studenten in het hoger onderwijs groeit meestal sneller dan de financiële middelen, waardoor de kwaliteit achteruit kan gaan. Nederland wordt met name genoemd als één van de landen die de afgelopen tien jaar minder geld per student uittrokken.

De reacties op deze ontwikkelingen zijn heel verschillend, stelt de OESO vast. Vooral Scandinavische landen wenden publieke middelen aan om de groei het hoofd te bieden. Anderen, zoals het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, laten de studenten meer voor de kosten opdraaien. Zorgelijk vindt de OESO het, dat er ook een groep Europese landen is die zelf niet meer investeert in het hoger onderwijs, maar het evenmin mogelijk maakt private middelen aan te boren.

De OESO roept niet alleen op meer geld in het hoger onderwijs te steken. Volgens de organisatie valt er ook winst te behalen in efficiency. Als scholieren beter geïnformeerd zijn bij het kiezen van de studie, kan dat de uitval – nu gemiddeld 31 procent – verminderen en worden die kosten dus bespaard. Ook qua bestuur en financieel beheer bij de onderwijsinstellingen ziet de OESO nog mogelijkheden tot verbetering.