Info

Erasmus in heel Europa in de lift

Share |

Niet alleen in Nederland, maar in vrijwel alle deelnemende landen wint het Erasmusprogramma aan populariteit. In 2008/2009 maakte een recordaantal studenten gebruik van een Erasmusbeurs. Het aantal stages binnen het programma steeg zelfs met meer dan 50 procent.

In totaal kregen een  kleine 200.000 studenten in het vorige studiejaar een Erasmusbeurs, zo blijkt uit cijfers die deze week werden gepresenteerd, bijna 9 procent meer dan in het jaar daarvoor. Slechts in twee landen, IJsland en Liechtenstein, was er sprake van een afname. Vanuit Nederland gingen ruim 7.000 studenten in het kader van het Erasmusprogramma op uitwisseling, een kleine stijging. Bijna 8.100 buitenlandse studenten kwamen hierheen, ook meer dan voorheen.

In acht landen, waaronder Denemarken en het Verenigd Koninkrijk, liep het aantal Erasmusbeurzen voor studie wel terug. Als mogelijke verklaringen daarvoor noemt de Europese Commissie een verschuiving naar stages, concurrentie van bestemmingen buiten Europa, het begin van de economische crisis en lage beurzen. Dat studenten hun kansen op de arbeidsmarkt willen vergroten, lijkt de belangrijkste reden voor de stijgende animo voor stages. Die maken sinds 2007/2008 deel uit van het Erasmusprogramma. Dat jaar was Nederland goed voor bijna 1300 stagebeurzen, tegenover ruim 2100 in 2008/2009.

Er zitten ook nadelen aan het succesverhaal van Erasmus, merkt de Europese Commissie op. Het programma kan de komende jaren waarschijnlijk niet in hetzelfde tempo groeien als er geen aanvullende middelen worden gevonden. In Nederland deden zich dit studiejaar al problemen voor, omdat het budget te krap was. Daarom verlaagt het Nationaal Agentschap Leven Lang Leren de Erasmusbeurs voor studie van 250 naar 200 euro per maand.