Info

GroenLinks vreest bemoeienis IND met naleving gedragscode

Share |

Stelt de IND geen ongepaste onderwijskundige eisen bij de toelating van buitenlandse studenten? Dat vraagt de fractie van GroenLinks in de Eerste Kamer naar aanleiding van het wetsvoorstel Modern Migratiebeleid. Maandag 5 juli vindt de plenaire behandeling plaats in de senaat.

Niet alleen bij GroenLinks, ook bij hogeronderwijsinstellingen zelf bestaat de vrees dat de zelfregulering binnen de Gedragscode Internationale Student wordt aangetast door de koppeling met het modern migratiebeleid. In de gedragscode is vastgelegd aan welke criteria onderwijs aan buitenlandse studenten, en informatie daarover, moet voldoen. Instellingen die zich hierbij hebben aangesloten, kunnen zich ook door de IND laten opnemen in het register van ‘erkende referenten’. Dat is een voorwaarde om buitenlandse studenten te mogen aantrekken.

Houdt een universiteit of hogeschool zich niet aan de regels van de wet, dan kan de IND de instelling uit het register van erkende referenten schrappen. De instelling moet bijvoorbeeld de IND inlichten als een buitenlandse student niet de studienorm behaalt die is opgenomen in de Gedragscode Internationale Student, waarnaar in de uitvoeringsregeling van de nieuwe wet wordt verwezen.

Op naleving van de gedragscode ziet een onafhankelijke commissie toe. Maar door de koppeling tussen de wet en de gedragscode gaat de IND zich hier ook mee bemoeien, zo vrezen sommige instellingen en GroenLinks. Waarom wil de regering zich een oordeel vormen over aspecten van onderwijskwaliteit, zo vragen de senatoren aan minister Hirsch Ballin van Justitie.

Volgens de minister is de vrees onterecht. ‘De overheidsinterventie wordt zo beperkt mogelijk gehouden’, schrijft hij in een reactie. De IND controleert alleen of instellingen zich aan hun verplichtingen tegenover de overheid houden, waaronder de meldplicht bij onvoldoende studievoortgang. Maar het is aan de universiteiten en hogescholen om te bepalen of een student voldoende kennis heeft voor toelating tot de instelling. Het gaat om verschillende verantwoordelijkheden, aldus Hirsch Ballin. Over de invulling en de grenzen daarvan is regelmatig overleg gevoerd met de onderwijskoepels.