'Short stay' huisvesting internationale studenten op losse schroeven
- 15-10-2009
- vorige
- volgende
- retour overzicht
- geef reactie
Door een vonnis van de kantonrechter komt de 'short stay huisvesting' voor buitenlandse studenten en promovendi op losse schroeven te staan. De rechter bepaalde dat promovendus Motazacker recht heeft op huurbescherming. Daardoor mocht hij net zo lang in een short stay woning verblijven als hij aan het Academisch Medisch Centrum (AMC) was verbonden.
Wat de gevolgen van de uitspraak precies zijn, is nog onduidelijk. Maar verschillende universiteiten nemen al drastische maatregelen. “Aan buitenlandse studenten die hier langer dan twee jaar gaan studeren, bieden wij geen kamer in de short stay huisvesting aan. Ik maak me grote zorgen over de toekomst van de huisvesting van internationale studenten”, zegt hoofd studentenzaken Frank van Kampen van de Universiteit van Amsterdam.
Veel Nederlandse hogeronderwijsinstellingen bieden buitenlandse promovendi, bachelor- en masterstudenten een kamergarantie aan. Zij krijgen onderdak in de short stay huisvesting met een contract voor een jaar. Daarin zit een clausule dat de student de kamer na die tijd verplicht moet verlaten. Op die manier garanderen instellingen dat er in het volgende studiejaar weer kamers vrij zijn voor nieuwe buitenlandse studenten. Op de short stay accomodatie geldt, net als bij vakantieparkwoningen, de huurbescherming niet.
De Iraanse promovendus Mohammad Mahdi Motazacker spande een rechtzaak aan tegen huisvester DUWO waardoor de zaak eigenlijk toevallig aan het rollen kwam. Hij wilde van DUWO onder meer een specificatie van de huurprijs die hij niet kreeg. Zo kwam hij bij de huurcommissie terecht. Hij wees er op dat wettelijk niet is vastgelegd wat 'short stay' is. De kantonrechter stelde hem op 20 mei in het gelijk en oordeelde dat in het geval van Motazacker DUWO geen beroep op short stay mocht doen en dat hij recht had op huurbescherming. Daarnaast oordeelde de rechter dat DUWO geen leegstandkosten mocht doorberekenen aan de Iraanse promovendus. Veel studentenhuisvesters verwerken deze kosten in de huurprijs, omdat kamers in de zomermaanden leegstaan.
“Deze uitspraak zet het huidige systeem op de helling”, meent hoofd international office Elco van Noort van de TU Delft. “Internationale studenten mogen voortaan langer in hun kamer blijven. Als zij dat doen komen er geen kamers vrij voor nieuwe studenten. Omdat bepaalde buitenlandse studenten volgens deze uitspraak onder de huurbescherming vallen, mogen zij ook zomaar de huur midden in het jaar opzeggen. Die kamers krijgen wij, als dat midden in een semester gebeurt, nooit meer gevuld. Het is onmogelijk met die onzekerheden rekening te houden.” De TU Delft overweegt daarom studenten alleen nog voor een of twee semesters onder te brengen in de short stay.
Directeur Vincent Buitenhuis van het Kenniscentrum Studentenhuisvesting (Kences) wijst er op dat het om een uitspraak over een promovendus met een arbeidsovereenkomst gaat. “De rechter heeft dat meegewogen in zijn oordeel. Het is niet zeker of dit voor alle buitenlandse studenten geldt. Daarnaast wil deze uitspraak niet zeggen, dat alle buitenlandse studenten ervoor kiezen langer in hun short stay woning te blijven. Het is allemaal nog onzeker wat voor gevolgen deze uitspraak precies heeft.”
Toch moet er volgens Kences snel wat gebeuren. “Wij bestuderen momenteel welke maatregelen het beste zijn. Wellicht is een wetswijziging nodig, waardoor huisvesters speciale contracten met internationale studenten afsluiten, zodat ze na afloop van hun studie weer vertrekken.”
Robert Visscher
- 15-10-2009
- vorige
- volgende
- retour overzicht
- geef reactie
