Info

Makkelijker subsidie voor buitenlandse onderzoeker

— gearchiveerd onder:
Share |

Onderzoekers uit het buitenland hoeven niet meer verbonden te zijn aan een Nederlands instituut om in aanmerking te komen voor een Vici-subsidie. Onderzoeksfinancier NWO heeft de regels daarvoor aangepast. Voortaan volstaat het om afspraken te maken met een universiteit ná toekenning van de subsidie.

Er verandert nog meer rondom de subsidies Veni (voor pas gepromoveerden), Vidi (ervaren onderzoekers) en Vici (topwetenschappers). Met een groter budget, 150 miljoen euro in plaats van 100 miljoen, kan NWO meer beurzen verstrekken en de individuele premies verhogen. Daarnaast kunnen hoogleraren nu eveneens Vidi-subsidies aanvragen en komen zij toch in aanmerking voor een Vici-subsidie als ze al langer dan drie jaar een leerstoel bekleden. Het papierwerk vooraf wordt minder.

Voor de Veni- en Vidi-subsidies was de voorwaarde van een gegarandeerde aanstelling bij een Nederlands instituut voorafgaand aan de aanvraag al geschrapt. Ook vervalt de eis dat de instelling een derde van de subsidie moet betalen. ,,We ontvingen regelmatig signalen dat internationale onderzoekers de weg niet wisten te vinden en de onderhandelingen moeizaam verliepen”, zegt Helga Varwijk van de NWO. Zonder die regels krijgen buitenlanders meer mogelijkheden om onderzoek in Nederland te doen met Veni-, Vidi- en Vici-subsidies. Toch verwacht Varwijk geen spectaculaire toename van het aantal aanvragen uit het buitenland. ,,Hooguit enkele tientallen.”