Soldaten op studiereis en de echte helden
- 28-06-2010
- geef reactie
Ze hebben rode baretten op. Op hun groene uniform ter hoogte van hun linkerbovenarm prijkt het oranje-embleem met de woorden ‘je maintiendrai’. Ik ontmoet deze fris gewassen Nederlandse soldaten in Seoul op de residentie van de Nederlandse ambassadeur. Het is een bijzonder gezicht, want de laatste keer dat Nederlandse soldaten zich op Zuid-Koreaans grondgebied bevonden, is precies 60 jaar geleden, bij het uitbreken van de Korea-oorlog.
De Korea-oorlog brak uit op 25 juni 1950, duurde drie jaar en was verwoestend. Er stond letterlijk geen boom meer overeind in het centrum van Seoul door de vele bombardementen. Nu staan deze glad geschoren jonge Nederlandse soldaten in een weldadige groene tuin van het huis van ambassadeur, waar fier de Nederlandse vlag wappert. Zij zijn meegereisd met 36 Nederlandse Koreaveteranen, die op uitnodiging van de Koreaanse overheid in Korea zijn, om de Koreaveteranen te eren en te herdenken dat zij 60 jaar terug hun leven op het spel hebben gezet voor de vrijheid van Zuid-Korea.
De Nederlandse Koreastrijders worden oud. De Koreaanse regering realiseert zich dat en heeft hen samen met hun vrouwen nog een keer uitgenodigd in Korea. De Koreaanse president Lee Myung Bak schrijft:
“This year, as we commemorate the sixtieth anniversary of the outbreak of the Korean War, we honor your selfless sacrifice in fighting tyranny and aggression. We salute your courage in enduring the unimaginable horrors of war: we pay tribute to your commitment in protecting liberty and freedom.”
Hoe jong de Nederlandse soldaten ook zijn, de meesten van hen zijn al een keer uitgezonden naar Irak of Afghanistan. Als je hen vraagt waarom zij ervoor hebben gekozen om beroepsmilitair te worden en uitgezonden te worden naar brandhaarden in de wereld, krijg je dezelfde antwoorden als je oud-Koreastrijders vraagt waarom zij destijds als vrijwilliger zich opgaven voor de Korea-oorlog. Het avontuur, de actie, het kameraadschap. Er is meer. Net zomin als destijds de soldaten iets wisten over Korea, wisten deze jongens ook niet waar Uruzgan lag, laat staan hoe je het schrijft. Zestig jaar terug had de Nederlandse defensie op de wereldkaart gekeken en had gezien dat Korea op dezelfde hoogte lag als Spanje en dus kregen de soldaten zomerkleding en zomerslaapzakken mee. Tot ieders verbazing was de winter in Korea stervenskoud met temperaturen van min 20 graden.
De Koreaanse heer Kwak is 78, maar nog helemaal fit. Hij heeft twee bruine pretogen en is voortdurend in de weer met cadeautjes voor de Nederlandse Koreastrijders. Als 18-jarige jongen werd hij ingedeeld bij de Nederlandse soldaten. Voor hem zijn de Nederlanders zijn broeders. Hij weet nog een paar woorden Nederlandse woorden uit te spreken. Zoals: ‘eten halen’. Het was dan weliswaar blikvoedsel, maar je was allang blij dat er rantsoen was.
Ik zeg tegen de Nederlandse soldaten dat zij eigenlijk op een soort studiereis in Korea zijn. Wat dat betreft zijn zij niet verschillend van de internationale studenten. Door je te verplaatsen in andere culturen, kom je al lerend achter wat de verschillen zijn, maar ook de overeenkomsten. In dit geval dat er een sterk historische verbinding is tussen Korea en Nederland en deze verbintenis wordt voortgedragen door de nieuwe generaties.
De Koreaanse president eindigt zijn brief:
“Once again, please accept our warmest gratitude and deepest respect. You will always remain our true Heroes and we assure you that we will continue to do our best to make you proud. On behalf of the Korean people, I would like to say, “Thank you.”
Eun-mi Postma
- 28-06-2010
- geef reactie
