Info

Deel 2: Mijn toekomst in NL

De Nederlandse kenniseconomie heeft buitenlands talent hard nodig. Transfer volgt gedurende een half jaar drie buitenlandse studenten die met een Huygens beurs naar Nederland kwamen. Ze vertellen openhartig over hun ervaringen in Nederland, over hun studietijd en over hun zoektocht naar een baan. Hoe vergaat het ze tijdens deze periode, en blijven ze uiteindelijk in Nederland? Deel 2: stress

Shikhar AggarwalShikhar Aggarwal uit India
Shikhar heeft goed nieuws, hij heeft een PhD gevonden bij het Erasmus Medisch Centrum. Vanaf september is er al plaats voor hem in Rotterdam, vertelt hij telefonisch vanuit zijn studentenkamer in Amsterdam. Maar de 25-jarige Indiër kan nog niet rustig van zijn zomervakantie genieten zodra hij de master oncologie heeft afgesloten in juli.
Het klinkt perfect: een Nederlandse professor die aan de Harvard Medical School werkt begint in augustus met een onderzoeksgroep in Rotterdam. Hij zocht twee promovendi voor zijn team. Shikhar solliciteerde, net als 59 anderen. Na drie interviews met de professor via Skype werd hij uiteindelijk de gelukkige. “Ik was zo blij en dankbaar dat ik iets gevonden had. Het is moeilijk om hier een baan te vinden, ik zie om mij heen veel mensen die niets vinden en terug moeten naar hun vaderland.”
Maar Shikhar’s toekomst in Nederland is nog onzeker. De nieuwe onderzoeksgroep heeft namelijk haar financiering nog niet rond, en pas in december zal daar meer duidelijkheid over zijn. Het levert de Indiër hoofdbrekens op. Want aan de ene kant wil hij graag in Nederland bij de professor met name en fame aan de slag. Maar aan de andere kant wil hij zekerheid, het Erasmus Medisch Centrum heeft voor hem nu slechts een visum tot december aangevraagd. “Ik zoek nu naar back-up”, zegt Shikhar, “voor het geval ik niet in Rotterdam kan blijven kijk ik nu vast rond naar andere plekken.” Andere universiteiten in Nederland zijn een optie voor hem. Maar hij heeft eerder ook al eens in Engeland en Noorwegen rondgekeken. Iets wat hem ook niet lekker zit is dat hij geen kamer heeft in Rotterdam. De universiteit kan hem niet helpen, dus hij moet zelf hard op zoek deze zomer. “Ik maak me veel zorgen over alles. Dit is een tijd van stress.”

Maria NeicuMaria Neicu uit Roemenië
“Ik heb de perfecte manier gevonden voor buitenlandse studenten om in Nederland een baan te vinden”, roept Maria enthousiast aan de telefoon. “Ik moet voor mijn scriptie interviews afnemen bij verschillende bedrijven, en zo kun je goed netwerken en proberen om jezelf een beetje te verkopen. Ik heb al twee stages aangeboden gekregen”, zegt ze verbaasd.
Net als Shikhar bevindt ook Maria zich in woelige wateren. Ze schrijft haar masterscriptie bij een bedrijf in Amsterdam, en loopt daar tegelijkertijd stage. Ze reist drie keer in de week heen en weer tussen Maastricht en Amsterdam. In augustus moet haar scriptie af zijn, in juli wil ze haar familie in Roemenië bezoeken, en in de tussentijd helpt ze het bedrijf in Amsterdam nog met het organiseren van een conferentie. En dan is er nog de periode na augustus.
“Ik heb besloten om door te gaan studeren”, zegt Maria. “Ik heb het hier in Nederland echt naar m’n zin, daarom ben ik hier op zoek gegaan naar een tweede master.” Deze missie is geslaagd: Maria begint in september aan de Erasmus Mundus Master International Performance Studies in Amsterdam. Ze is door de selectie gekomen en er is ook een beurs aan de studie verbonden. Maar die is niet dekkend. Daarom is Maria nu naast al haar andere bezigheden alvast op zoek naar een bijbaan in Amsterdam. En een huis natuurlijk, want begin augustus moet ze haar huis in Maastricht uit. “Als ik de komende maanden maar doorkom”, zegt ze, “ik kan alleen maar hopen dat mijn leven in september weer wat rustiger is.”

Madeleine BorthwickMadeleine Borthwick uit Australië
Madeleine’s leven begint net in een wat rustiger vaarwater te komen. Madeleine wist al snel dat ze na haar tweejarige master in Delft in Nederland wilde blijven. Omdat haar vakgebied innovatie in design in Nederland veel mogelijkheden biedt, omdat ze graag in Nederland woont, maar ook omdat er een Nederlandse liefde in het spel is.
Op de website van de IND kwam ze er tijdens haar studie achter dat er zoiets bestaat als een ‘zoekjaar’, een regeling waarmee ze na haar afstuderen een visum kon krijgen om een jaar lang op zoek te gaan naar een baan. “Ik was blij omdat het me perspectief gaf, maar ook een beetje verbaasd dat ik er op de universiteit of van medestudenten nog nooit iets over had gehoord.”
Madeleine had veel vragen over het zoekjaarvisum. “Na een tijdje kwam ik erachter dat er twee soorten zoekjaren zijn, en daarnaast nog eens twee soorten visa voor hoogopgeleiden. Maar ik vond het moeilijk om uit vinden wat ik moest doen om er een te krijgen en waar ik aanspraak op kon maken. En de website van de IND is slechts gedeeltelijk naar het Engels vertaald. Dat maakt het er niet makkelijker op. Bellen naar de IND is bovendien erg duur, ook omdat je altijd lang in de wacht staat.” Madeleine herinnert zich de keer dat de universiteit een workshop organiseerde over de mogelijkheden om in Nederland te blijven. Maar die zat snel volgeboekt, ze kon er niet meer naartoe. En haar vrienden die wel gingen concludeerden achteraf droog dat het gewoon het handigst is om een Nederlandse partner te trouwen.
Maar vier bezoeken aan de IND en vele telefoontjes later, is Madeleine geslaagd. Ze heeft een zoekjaarvisum gekregen voor buitenlandse studenten die in Nederland afstudeerden. En nog belangrijker, ze heeft een baan gevonden bij het bedrijf waar ze ook afstudeerde. Daar verdient ze echter nog niet genoeg om ook volgend jaar weer aanspraak te maken op een visum.

Shikhar, Madeleine en Maria zijn lid van HUTAC, de Huygens Talent Circle, een netwerk waarin de alumni en huidige bursalen van het Huygens Scholarschip Programme zich verenigd hebben. Dit is het beurzenprogramma van de Nederlandse overheid. Per jaar is er zeven miljoen euro beschikbaar voor excellente studenten uit de hele wereld die in Nederland willen studeren. Ieder jaar wordt door een selectiecommissie bij de Nuffic opnieuw bekeken hoe die zeven miljoen het beste verdeeld kan worden, dus een vast bedrag per beurs is niet te noemen. Alleen studenten die tot de beste 10 procent van hun studieprogramma in het buitenland hoorden komen in aanmerking voor de Huygens beurs.